teelbal » Teelbalkanker » Nabehandeling Seminoom (St I)

Nabehandeling Seminoom (St I)

laatst gewijzigd op

Nabehandeling bij een seminoom (Stadium I): Rust, perspectief en keuzes

Wanneer de patholoog na de operatie bevestigt dat je een seminoom had dat beperkt was tot de teelbal (Stadium I), valt er een enorme last van je schouders. De medische statistieken zijn hier heel duidelijk over: de overlevingskans is bij deze vorm bijna 100%. Dat is een cijfer dat we in de oncologie zelden zien, en het betekent dat we de ziekte nagenoeg altijd de baas zijn. Toch stopt het traject niet bij de operatie alleen. In de weken na de ingreep moet je samen met je uroloog een beslissing nemen over het vervolg. Hoe zorgen we ervoor dat die 100% ook echt 100% blijft, met zo min mogelijk impact op je levenskwaliteit?

De rol van het MOC bij een seminoom

Hoewel een seminoom stadium I een zeer gunstig vooruitzicht heeft, wordt elk dossier in België verplicht besproken op het MOC (Multidisciplinair Oncologisch Consult). Tijdens dit overleg buigen urologen, oncologen, radiotherapeuten en radiologen zich over jouw resultaten. Ze kijken niet alleen naar de uitslag van de patholoog, maar ook naar de CT-scans die zijn gemaakt en de evolutie van de tumormerkstoffen in je bloed. Het advies dat hieruit voortvloeit, is gebaseerd op internationale richtlijnen die wereldwijd als de gouden standaard gelden. Meestal krijg je twee gelijkwaardige opties voorgelegd.

Optie 1: Actieve opvolging (Surveillance) – De weg van het geduld

Actieve opvolging, ook wel active surveillance genoemd, is tegenwoordig de meest gekozen weg. Waarom? Omdat we weten dat bij ongeveer 80 tot 85% van de mannen de operatie alleen al voldoende was om de kanker definitief te genezen. Als we iedereen preventief chemotherapie zouden geven, zouden we 8 op de 10 mannen behandelen voor een probleem dat ze niet meer hebben. Dat noemen we overbehandeling.

Wat houdt een controle precies in?

Kiezen voor opvolging betekent niet dat we “niets” doen. Integendeel, je stapt in een strak schema dat jarenlang kan duren. De eerste twee jaar kom je meestal elke drie tot zes maanden op controle. Tijdens zo’n afspraak gebeuren er drie dingen:

  • Lichamelijk onderzoek: De uroloog controleert je andere teelbal en voelt aan de lymfeklieren in de lies en hals.
  • Bloedonderzoek: We controleren de tumormerkstoffen (vooral LDH en soms b-hCG). Als deze stijgen, is dat een alarmsignaal.
  • Beeldvorming: Je krijgt regelmatig een CT-scan, echo of MRI van de buik en de borstkas. We kijken hierbij specifiek naar de lymfeklieren achter in de buikholte, omdat een seminoom daar als eerste naartoe zou reizen als het terugkomt.

Het grote voordeel van dit traject is dat je geen chemotherapie krijgt en dus geen last hebt van bijwerkingen zoals vermoeidheid, misselijkheid of impact op je vruchtbaarheid. Het nadeel is de ‘scan-angst’: de spanning die sommige mannen voelen in de dagen voor een nieuwe controle.

Optie 2: Eén dosis preventieve chemo (Carboplatine) – De ‘verzekering’

Sommige mannen vinden de onzekerheid van opvolging te zwaar, of hun tumor vertoont kenmerken waardoor de kans op herval iets hoger ligt (tot ongeveer 30%). In dat geval kan de arts een adjuvante behandeling voorstellen: één enkele dosis chemotherapie met het middel Carboplatine.

Wanneer wordt deze optie vaker geadviseerd?

De patholoog kijkt in het labo naar twee specifieke ‘voorspellers’ van herval:

  • De grootte van de tumor: Is de tumor groter dan 4 centimeter? Dan is de kans op microscopisch kleine uitzaaiingen statistisch gezien iets groter.
  • Ingroei in de ‘rete testis’: Dit is het netwerk van kanaaltjes waar de zaadcellen de teelbal verlaten. Als de kanker daar is binnengedrongen, heeft hij makkelijker toegang tot de rest van het lichaam.

Hoe verloopt de behandeling? In tegenstelling tot de zware kuren bij uitgebreide kanker, gaat het hier om één infuus dat meestal een uurtje duurt. Carboplatine wordt over het algemeen heel goed verdragen. De meeste mannen voelen zich een paar dagen wat minder fit of licht misselijk, maar herstellen zeer snel. Door deze ene dosis daalt de kans dat de kanker terugkomt van 15-20% naar minder dan 3%.

Waarom we bestraling naar het verleden hebben verwezen

Als je op internet zoekt, lees je soms nog over bestraling (radiotherapie) van de buik na de operatie van een seminoom. Hoewel seminomen uiterst gevoelig zijn voor straling, doen we dit in België (en wereldwijd) bijna niet meer standaard. De reden is dat we nu weten wat de effecten zijn op de heel lange termijn.

Mannen die in de jaren ’90 bestraald werden, bleken 20 jaar later een iets hogere kans te hebben op hart- en vaatziekten of zelfs een tweede soort kanker in het bestraalde gebied. Omdat actieve opvolging en Carboplatine even effectief zijn om te genezen, maar veel veiliger zijn voor de rest van je lichaam, is bestraling bij Stadium I seminomen grotendeels naar de geschiedenisboeken verwezen.

Samen beslissen: Wat past bij jou?

De keuze tussen opvolging en een preventieve kuur is vaak een persoonlijke afweging. Er is geen ‘foute’ keuze, want beide wegen leiden naar genezing. Ben je iemand die liever geen enkel medicijn in zijn lichaam wil en de discipline heeft voor de controles? Dan is surveillance de beste weg. Wil je liever de kans op een terugkeer zo laag mogelijk houden, ook al moet je daarvoor één keer naar de dagkliniek voor een infuus? Dan is Carboplatine een goede optie.

Bespreek dit open met je uroloog of oncoloog. Stel vragen als: “Hoe hoog schat u mijn risico specifiek in?” of “Hoe ziet het controleschema er in dit ziekenhuis concreet uit?” Een goede arts zal je nooit dwingen, maar je helpen om de weg te kiezen waar jij je het meest comfortabel bij voelt.

Wat als er toch uitzaaiingen zijn?

Alle informatie op deze pagina gaat over mannen waarbij de scans na de operatie geen uitzaaiingen toonden. Indien het MOC-team op basis van je scans vaststelt dat de kanker zich al buiten de teelbal heeft verspreid (naar Stadium II of III), dan verandert het plaatje. In dat geval is ‘afwachten’ of ‘één dosis chemo’ niet meer voldoende. Er is dan een andere, intensievere behandeling nodig om de kankercellen overal in je lichaam aan te pakken. Informatie over dit traject en wat je daarvan kunt verwachten, lees je hier.